


Het Genneperhuis was een burcht en versterkte vesting aan de monding van de Niers in de Maas op een steenworp afstand van het stadje Gennep. Tot 2009 was er zelfs nauwelijks nog sprake van een ruïne, slechts de kroonwerken en verhogingen in het landschap geven nog een impressie van de omvang. Het gebied heeft de status van beschermd monument.
Waarschijnlijk is de basis van de burcht een Romeinse fortificatie. Dit vermoeden
wordt bevestigd door de gunstige ligging; de twee rivieren en een doorwaadbare plaats
in de Niers, waar zowel een weg zuid-
Lange tijd bood het kasteel thuis aan de zogenoemde Heren van Gennep. Zo werd ook
de H. Norbertus rond 1080 uit deze adellijke familie geboren, maar ook Jutta van
Gennep, de eerste abdis van het klooster Grevendaal bij Asperden, en Willem van Gennep,
de aartsbisschop van Keulen (1349-
Tijdens de Nederlandse Opstand kent het Genneperhuis verschillende bezetters; eerst de Staatsen, waarna de Spanjaarden het veroveren in 1599, waarop het in 1602 weer door de Staatsen heroverd wordt. In 1635 nemen de Spanjaarden het weer over en versterken het weer, maar in 1641 wordt na het Beleg van Gennep door stadhouder Frederik Hendrik de burcht weer verlaten. Bij de Vrede van Münster en Osnabrück worden het Genneperhuis én de stad Gennep aan Brandenburg, feitelijk het Kleefse, toegewezen.
Vervolgens komen de Franse troepen nog tweemaal; zowel in 1672 als tijdens de Spaanse Successieoorlog nemen ze bezit van het kasteel. De laatste bezetting betekent ook het einde. In 1710 verwoesten de Fransen de burcht. Het vrijgekomen steen gebruikt men voor huizenbouw in de stad Gennep en ter versterking van de Maasoevers.
Bronnen:
Brand, R. van de en Douma, H.; (2002): Land van Cuijk. 33 dorpen en één stad. Stichting
Historie Peel-
De Gelderlander ; (2009)
Wikipedia®
